Johannes 15 vers 1-8 • Wijnstok

Naar Johannes 15:1-8 en Hooglied 2:1-15

Mag ik je eens vragen: wat leerde je thuis over God, over de Bijbel, over Jezus? En wat werd er op school verteld over geloof en levensbeschouwing? Wat heb je daarvan onthouden of heb je achter je willen laten? Heb je principes van thuis terzijde geschoven of ben je er juist waarde aan gaan hechten, bewaard als ‘pareltjes van geloof’? Zoals in dat gezegde ‘eruit gehaald als krenten uit de pap?’

Behoud het goede!

Zoals de apostel Paulus dat de gelovigen van Tessalonica heeft voorgehouden: Onderzoek alles, behoud het goede en vermijd elk kwaad, in welke vorm het zich ook voordoet. (1 Tessalonicenzen 5:21) Een aardige gedachte: als Paulus dit ook aan de Korintiërs had geschreven, zou het een mooie zinspeling zijn geweest. Want het woord ‘krent’ stamt af van een kleine druivensoort die van oorsprong groeide in de omgeving van de Griekse en Bijbelse plaats Korinthe. Waar dus de druiven vandaan komen waar je krenten van kunt maken. Behoud het goede, haal de krenten uit de pap!

Gods kinderen een wijngaard

Over druiven gesproken: het Bijbelse volk van God wordt vergeleken met een door God geplante wijngaard. Zoals in Jesaja 5 waarin door de Here God gedaan is om de wijngaard tot groei en bloei te brengen: de grond wordt bewerkt, de stenen eruit, edele druivensoorten als aanplant, er komt een wachttoren en een perskuip, het ontbreekt de wijngaard aan niets. En toch wordt de prangende vraag gesteld: ‘Vanwaar de wrange vruchten?’

Ook in Jesaja 27 worden Gods kinderen vergeleken met een wijngaard, waarin de hoop en de verwachting klinkt dat de doornen en de distels eraan zullen geloven, dag en nacht zal er over de wijngaard de wacht worden gehouden, de wijnstokken zullen bevloeid worden en de vruchten van de wijngaard zullen heel de aarde bedekken er zal over de wijngaard worden gezongen, geen klaagzang maar een loflied, een liefdeslied.

Vang de vossen!

En dan Hooglied 2, een lied waarin de liefde wordt verklaard. De wijngaard waar de vossen zich graag tegoed doen, waar de vossen, ook de kleine vossen gevangen moeten worden, staat er in Hooglied 2 vers 15. Ja, ook die schattig uitziende kleine vossen met hun pluimstaart en glimmende oogjes. Want het zijn soms kleine vossen die de vreugde teniet doen. Psalm 104 bezingt het dat de wijn het mensenhart verheugd. Vang de kleine vossen opdat de oogst niet verloren gaat! Vandaar ook de wachttoren. De wijn verheugd het hart van de mens, maar God verheugd zich in de wijngaard. Vang de vossen, vang de kleine vossen die de wijngaard, Gods wijngaard vol goede vruchten vernielen.

De ware wijnstok

Kostelijk wanneer Jezus leert de ware wijnstok te zijn. Jezus die zichzelf vergelijkt met de edele druivensoorten van Jesaja 5. Vast en zeker heeft de Here Jezus hieraan gedacht toen Hij de vergelijkingen maakte. God de hemelse Vader is de Wijnbouwer. Wat God doet dat is welgedaan. De aarde ontgonnen tot vruchtbare aarde. En de wijnstok krijgt de volle aandacht, wat vruchteloos is wordt weggesneden, teruggesnoeid, zodat de ranken die wel vruchten dragen sterker worden. En nog mooiere vruchten zullen gaan dragen.

Voor iemand met groene vingers zo vanzelfsprekend, maar ook als je niet zo’n tuinman of – vrouw bent te begrijpen: laat alle voeding en alle levenssappen stromen naar de vruchtdragende ranken! Steek geen energie in dode dorre kale takken of vruchteloze uitschieters, dat is zonde, wie kan tuinieren weet wel beter.

Gods wijngaard

En dan maakt de Here Jezus de vergelijking compleet. Mijn Vader is de wijnbouwer die aanlegt en plant en snoeit en bevloeid. En Ik ben de wijnstok door de Vader geplant, de ware wijnstok zonder mankeren. Maar jullie, zei Jezus tot zijn leerlingen, jullie zijn de ranken waar de vrucht aan moet groeien. En dan zegt Jezus iets belangrijks: ‘zorg dat je als rank aan Mij verbonden blijft’. Als het ware zeggende: ben je verbonden met Mij, dan draag je de vrucht die uit Mij voortkomt.

Geënt

Jezus’ woorden zijn kinderlijk eenvoudig. Eigenlijk hoeven we er nauwelijks iets aan toe te voegen. Verbonden met Jezus draag je de vrucht van Jezus. En Jezus zei dit in een tijd waarin ‘het geloof’ door de hele samenleving stroomde. Er waren de Joodse stromingen van Farizeeën, Sadduceeën en Essenen met ieder zo hun eigen inkleuringen van geloofsopvattingen. En de Romeinen en de Grieken hadden ook hun eigen invullingen meegebracht die als ‘heidens’ werden betiteld. Je kon als het ware op allerlei geestelijke stromingen zijn geënt, daar je levensbehoeften, je geloofssappen uit vandaan halen.

In zo’n veelkleurige samenleving zei Jezus tot zijn leerlingen: je kunt je geloof overal vandaan halen, kijk maar om je heen, wij zijn niet alleen. Herkenbaar toch? Zoveel keus, zoveel ideeën, zoveel idealen waar je in op kunt gaan, gehecht aan kunt zijn, in geworteld kunt zijn. Jij in jou klein hoekje en ik in het mijn.

Krenten uit de pap en koek

Overal vandaan zou je de heerlijke krenten uit de pap kunnen vissen, de lekkere krenten uit de koek, het beste eruit halen wat erin zit. Gebruiken wat jou het beste uitkomt of smaakt. Of waarin je jezelf kunt verliezen, dat kan ook, dat je terecht komt in een levensbeschouwing die jou geen goed maar kwaad doet. Die jou zelfs kwaad laten doen. Maar, zegt Jezus, wanneer je aan Mij verbonden bent, dan draag je de vrucht van de hemelse Vader, de hemelse wijnbouwer, in de wijngaard door Hem aangelegd met Mij als edele zuivere wijnstok. En geloof Mij, die is goed!

Vrucht dragen

Ja, soms kunnen wij denken dat de groei en bloei van ons geloofsleven van onszelf afhangt. Als we maar genoeg geloven, als we maar genoeg bidden, als we maar goed bezig zijn, noem het allemaal maar op. En natuurlijk, wees heilig want ik ben heilig, dat klinkt voortdurend bij Gods volk. Wees niet lauw in je geloof, maar loop er warm voor.

Maar Jezus zegt ook een duidelijke les: ‘leef je geloof niet uit op eigen houtje’ maar blijf verbonden met mij. Zonder Mij wordt het een dorre boel. Loopt het dood. Leidt het allemaal tot niets. En daarom: Halen jullie je geloof en leven bij Mij! Want Ik ben heilig en heilig jou. Ik ben goed en maak jou een goed mens. En ben vol liefde en maak jou tot een geliefd mens. Het is de goedheid van God die het doet! Het is Gods genade  die verandering teweeg brengt. Het is Jezus zelf die ons tot groei en bloei laat komen, overal waar verbondenheid is met de Here Jezus zelf!

Vrucht dragen, dat is merken dat je milder, zachtmoediger wordt. Ook al ben je van nature een driftkop. Dat je vergevingsgezind en vriendelijk kunt zijn, dat je minder stampvoet of met de vuist op tafel slaat. Dat je geduld op leert brengen, of het goede leert zien, al ligt dat helemaal niet in je aard. Je zult het merken als je werkelijk verbonden bent met Jezus, de ware wijnstok. Vrucht van de Geest noemt Paulus dat.

Los van God?

Waarmee het zo’n bevrijdende gedachte is dat Jezus niet denkt in termen van Farizeeën, Sadduceeën, Essenen, Romeinen, Grieken of heidenen. Zoals wij zouden kunnen denken in termen van vrijzinnig of behoudend of evangelisch of orthodox. Want voor je het weet plaats je jezelf of anderen in een hokje. Denk je te weten hoe en wat de ander geloofd en denkt. Bestempel je iemand tot krent of druif of pitloos of alleen maar vel en geef je iemand kleur. Maar Jezus plaatst niet in hokjes, Jezus wijst naar de vrucht! Aan de vruchten herken je de boom! Herken je de werken van God! Proef je de aanwezigheid van Gods aanwezigheid!

Nicodemus en Jozef van Arimatea

Denk maar aan Nicodemus: Nicodemus was een farizeeër en een leraar en een leider en een voornaam lid van het sanhedrin, een Joodse raad waar recht werd gesproken. Met een striktheid die moeite had met Jezus van Nazareth. Maar Jezus zei niet dat Nicodemus met de Farizeeën en het sanhedrin moest breken. Maar Jezus legde hem wel uit wie hij kon zijn in het licht van het Woord en de Geest van de Eeuwige. Nicodemus die zich in eigen kring als een moedig mens opstelde, vanuit zijn verwantschap met Jezus! Lees maar eens na in Johannes 2 vers 1 en Johannes 7 vers 51 en Johannes 19 vers 39.

Jezus op handen dragen

En zo was het ook met Jozef van Arimatea, ook hij was lid van het sanhedrin, de Joodse raad. Deze Jozef stond er niet achter dat Jezus van Nazareth veroordeeld zou worden, integendeel! Jozef wordt een goed en rechtvaardig mens genoemd in Lucas 23 vers 50 -53. Een gelovige die het koninkrijk van God verwachtte! ‘Engelen zullen je dragen’ staat er in Psalm 91 vers 11. Jozef van Arimatea droeg Jezus letterlijk. Hij haalde Jezus’ lichaam van het kruis, wikkelde Zijn lichaam in doeken, legde Jezus’ lichaam in een ongebruikt graf. Jezus van Nazareth door hem op handen gedragen.

De apostel Paulus

En dan Paulus in Handelingen 22 die zijn visitekaartje afgeeft voor het Joodse sanhedrin: ‘Ik ben een Jood, geboren in Tarsus in Cilicië, opgegroeid in Jeruzalem, leerling van Gamaliël en strikt in leer opgevoed van uw en mijn voorouders opgevoed. En wat zegt de apostel Paulus in Filippenzen 3? ‘Ik ben besneden toen ik acht dagen oud was, behoor tot het volk van Israël, ben van de stam Benjamin, een geboren Hebreeër met de wetsopvatting van een farizeeër.’ Maar ook Paulus heeft het licht van Jezus gezien!

Aan de vruchten herken je de boom. Jozef van Arimatea en Nicodemus en Paulus. Zij droegen Jezus op handen, hielden Hem hoog en in ere, kwamen voor Jezus op, en voor Jezus uit, werden door Hem geroepen!

In de Wijnstok geënt

Zo spreekt Jezus ons aan. Jij die belijdend lid is van de kerk waar je als kind bent binnengedragen, of waar je kind aan huis bent. Wees jij daar geënt in Mij, draag daar vrucht, doe daar vruchtbaar werk, laat Mij jouw daar vullen met mijn Geest. Een geest van goedheid, liefde, trouw. Vruchtbaar zul je zijn en vreugde zal je vinden. En jij in die groepering waar je warm voor loopt, die staat voor goede dingen, opstaat tegen onrecht, waar jou hart sneller van gaat kloppen. Wees jij vanuit je principes daar geworteld in Mij, laat je woorden en daden bezield zijn door wat je bij Mij hebt geleerd. Vriendelijk en geduldig en met zelfbeheersing. Vrede zul je vinden en vrede zul je brengen.

Je bent een rank, je bent een vrucht

Ja, wie en waar je ook bent. Je kunt ook op eigen houtje te werk gaan, gronden vinden waarop jij je denken en doen en laten baseert. Maar Jezus zegt: Vind je grond in Mij, wees geënt in Mij, raak verbonden aan Mij, blijf geloven in Mij en je werk zal vrucht dragen. Om het met een knipoog te zeggen. Jij bent geen pitloze droge rozijn, het zout in de pap niet waard, integendeel! Je bent voor de Here God van onschatbare waarde.

Een rank en een druif tegelijk, een oogst die vrucht voortbrengt. Voor God geen moeite teveel om jou bij Jezus, de ware wijnstok te laten horen! Wees jij dan in jou liefde geen zuinige krent, maar laat je vrede met God rijkelijk vloeien! Wordt in hemels naam een kostelijke druif. Gedragen door de meest edele wijnstok. Hoe dan ook, vroeg of laat, waar dan ook. Je bent een druif! Een vrucht van geloof. In Jezus’ naam.

Amen

Dit bericht heeft één reactie

Geef een antwoord

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Abonneren