Lucas 1:26-38 • God heeft een plan

Lucas 1:26-38 en Filippenzen 1:3-11

Zou iemand hem door de straten van Nazareth hebben zien gaan? We hebben het over Gabriël, de door God gezonden engel. Want in Bijbelse verhalen komen engelen niet zomaar uit de lucht vallen; engelen verschijnen onverwacht, zoals bij Zacharias in de tempel en in het huis van Maria. Of bewegen zich langs een ladder van de aarde naar de hemel en dalen langs die ladder weer terug vanuit de hemel naar de aarde, zoals in de droom van Jakob. Engelen met beide benen op de grond. En zonder dat je het weet kun je engelen in je huis hebben ontvangen, wanneer je de naastenliefde  en de gastvrijheid nagestreefd hebt, zo valt er te lezen in Hebreeën 13 vers 1 en 2.

Engelen met beide benen op de grond! Misschien wel engelen op de vlucht, vluchtelingen! Of engelen met een boodschap, gekomen als geroepen! Reddende engelen die er waren, juist toen zij zo nodig waren! Alleen in een oude overlevering wordt er verteld van een engel die uit de hemel is gevallen, een afvallige engel, die zich als een duivel ontpopt. En daarom die vraag: zou iemand Gabriël gezien hebben toen hij aan de wandel was, op weg naar het huis van Maria in Nazareth?

Uitgehuwelijkt

Maria, een verloofd meisje, een ‘uitgehuwelijkt’ meisje, een meisje dat al was toegezegd aan Jozef. Zo ging dat in die tijden, in die kringen van het Joodse land, tweeduizend jaar geleden. ‘Uithuwelijking’, vandaag horen we er nog altijd van, dat families onderling de huwelijken van kinderen al tevoren beklinken. Met Maria was dat ook gaande, volgens de jongste Bijbelvertalingen. Niet naar de traditie ‘verloofd’ maar ‘bekokstoofd’, met een mooi woord ‘uitgehuwelijkt’.

Timmerman

Maria was ‘uitgehuwelijkt’ aan Jozef, als je heel ver teruggaat in de tijd van Koninklijke komaf. Niet dat we ons daar nog veel van voor moesten stellen. Het koningshuis waar Jozef van afstamde, daar was nog nauwelijks iets van over. Dat was vergane glorie van eeuwen geleden. Stel je er geen rijkdom, invloed of zeggenschap bij voor. Jozef was een timmerman, alleen in zijn timmermanswerkplaats had Jozef het voor het zeggen. Zo van ‘blijf eens van die hamer af, die heb ik zo nodig’. ‘Nee, dat hout heeft al een bestemming, dat geef ik je niet mee’. ‘Laat die blokhaak nu niet vallen, straks wordt alles Schots en scheef’. Dat heeft timmerman Jozef te vertellen. Niet meer en niet minder. Maar desondanks van koninklijke bloede, uit het koningshuis van David. Aan wie Maria dus uitgehuwelijkt was. Ook weinig te vertellen …

Maar naar deze Maria is Gabriël onderweg gegaan, door God gezonden: een ‘Sterke man van God’, dat betekent de naam van Gabriël, anders vertaald ‘De kracht van God’. Zoals er gesproken kan worden over ‘arbeidskrachten’, zo is de erop uitgezonden Gabriël een ‘Kracht van God’ die een boodschap heeft aan Maria. Dat zij zwanger zal worden. En dat zij een kind zal baren. En de boodschap is dat zij niet zelf een naam mag bedenken, al dan niet in de lijn van de verwachting, maar dat zij haar kind ‘Jezus’ moet noemen, wat betekent ‘de Heer Redt, de Heer Helpt, de Heer is Redder’.

Koningskind

De boodschap aan het adres van Maria: dat haar kind in alle opzichten een ‘koningskind’ zal zijn. En misschien dat Maria daarvan al op de hoogte is geweest, dat haar aanstaande Jozef weliswaar een timmerman is maar ergens nog een afstammeling van koning David, eens lang geleden de koning van Israël. Mogelijk dat Jozef en Maria daar wel eens grapjes over hebben gemaakt, van weet wel met wie je gaat trouwen, straks woon jij in een paleis …

Maar minstens zo mogelijk is dat Jozef en Maria elkaar nog nauwelijks kenden! Omdat Maria eigenlijk nog een kind was, helemaal nog niet toe aan een intieme relatie! Dat Jozef en Maria elkaar alleen hebben ontmoet, onder het toeziend oog van hun ouders. Nauwlettend toekijkende of het wel ‘klikte’ tussen die twee …

Want engel Gabriël heeft het dan wel over in verwachting raken en een kind krijgen en moeder worden, maar Maria weet heus wel ‘waar Abraham de mosterd haalt’ en waar de kinderen vandaan komen. Maria blijkt goed voorgelicht, zich afvragende waar Gabriël het vandaan haalt, een intieme relatie met een man, daar is helemaal nog geen sprake van, niet met geen enkele jongen of man, dus zwanger zijn is niet aan de orde! Ja, naar eigen inzicht is het meisje Maria daar nog niet aan toe. Geen ‘eigen wijsheid’ maar ‘eigen inzicht’. Maar Maria’s gedachten zijn niet Gods gedachten. God heeft een plan met Maria, God heeft een plan voor het koningshuis van David. God heeft een plan voor de wereld. Te volbrengen door Jezus, geboren uit de stam van David. Jezus die de Redder van de wereld zal zijn.

De mens wikt

Want mensen kunnen plannen maken, zoals het uithuwelijken van een meisje in de familie, met ik weet niet wat voor bedoelingen. Maar God heeft eigen plannen, die de menselijke bedenksels overstijgen! De mens wikt, maar God beschikt. God kan alle dingen ten goede benutten, ten goede keren! En wat God doet, dat is welgedaan! En Gods plannen reiken verder dan een gezinnetje stichten in huize Jozef en Maria!

Want God gaat hemel en aarde en tijd en eeuwigheid en mensen van dichtbij en veraf aan elkaar verbinden, ook aan Zichzelf! Zo groot zijn Gods plannen! Lees de woorden van de evangelist Lucas maar aandachtig! Toen Lucas deze woorden doorgaf hoorden Joodse mensen de verhalen van de Bijbelse profeten klinken! Van ‘de jonge vrouw, de maagd die zwanger zal worden’ en van ‘een telg uit de stam, een scheut uit de stronk van David’ (Jesaja 7:14 en 11:1) En wanneer de engel Gabriël aan het jonge meisje Maria meegeeft dat ‘de Heilige Geest’ over haar zal komen, daar kunnen de woorden van de profeet Joël naast  worden gelezen: ‘Ik zal mijn geest uitgieten over al wat leeft, oude mensen zullen dromen dromen, jongeren zullen visioenen zien …’ (Joël 3:1).

De Heer redt

Ja, de opdracht is dat Maria haar kind de naam ‘Jezus’ zal geven. Denk aan Jesaja 9 waar staat: ‘Een Kind is ons geboren, een Zoon is ons geboren, en zijn naam is Wonderlijk, Raadsman, Sterke God, Vredevorst’. (Jesaja 9:5) Jezus’ naam betekent ‘De Heer redt, de Heer is Redder!’ Het doet mij denken aan het lied ‘Er ruist langs de wolken een lief’lijke naam, die hemel en aarde verenigd te saam’. En ‘aan die vrede zal geen einde komen, een eeuwigdurende vrede geworteld in de troon van David’ voegt Jesaja daaraan toe!

Hoe groot zijn Gods plannen! En dan te bedenken dat God werkt op Zijn wijze! Zo is God! Hij begint door een zaadje te planten in een klein nietig plaatsje Nazareth. ‘Kan uit Nazareth iets goeds komen?’ In de dagen van Jezus was dat een gezegde. Ja! Uit dat onderschatte plaatsje komt Jezus van Nazareth, de Zoon van God! Zo werkt God! Gezaaid in het leven van een mensenkind. Als een graankorrel in de aarde, om de gehele schepping voor zich te winnen. Opdat ieder die geënt zal raken aan Jezus in Zijn liefde zal groeien en bloeien en vrucht zal dragen. (Johannes 15:1-5) De vrucht van de Geest, de vrucht van de liefde, de trouw, het geduld, de trouw, de goedheid in alle toonaarden. Vol van de vruchten van de gerechtigheid, schrijft Paulus in Filippenzen 1 vers 11.

Gezaaid en geplant

Zo is God, zo werkt God, zo wordt Zijn koninkrijk geplant in de levens van mensen. Om het op aarde te laten zijn zoals in de hemel, en het daarop uit te laten lopen, dat het Koninkrijk van God ten volle door zal breken. Ja, de engel Gabriël beloofde Maria, dat Gods Heilige Geest over haar zou komen. Mogelijk dat Maria daarin de woorden van de profeet Joël al heeft verstaan, van ‘ouderen zullen dromen droegen en jongeren zullen visioenen zien’.

Ja, er is een lied dat bezingt ‘Te zijn als Jezus, die hoop vervult mijn hart. In woord en daad steeds weer, dat is wat ik begeer. En Zijn Geest die helpe mij te zijn als Hij’. Ja, God betrekt mensen in Zijn plannen. En God betrekt mensen bij Zijn gedachten. Soms kunnen wij zijn als boodschappenjongens en boodschappenmeisjes, boodschappenmannen – en vrouwen als ware wij engelen die een boodschap uitdragen. Al dan niet met de toewijding, de bereidheid van een Maria, geïnspireerde boodschappendragers van de vrucht van Gods Geest: de vrucht van gerechtigheid! (Filippenzen 1:11)

Gods plan

En dan kan het zo zijn, te willen zijn als Jezus; die hoop vervult vele harten! Maar hoe goed is het te beseffen dat Jezus meer goeds heeft gedaan dan wij ooit kunnen doen! Hij heeft zijn leven gegeven, Zijn trouw aan God heeft Hij laten zien, maar ook de ontrouw van mensen kwam aan het licht. Hij heeft tot aan het kruis Gods plan volbracht. En daarom, ja daarom heeft God Hem hoog verheven. En daarom, ja daarom heeft God Hem een Naam geschonken, boven alle andere namen verheven.

Ja, dat is het grote plan van God, opdat elke knie zich voor Hem zal buigen, in de hemel, op de aarde en onder de aarde.  Hemelhoog en aardediep. Vol van liefde, vol van kracht en vol van glorie. Vol van de vruchten van gerechtigheid! Het grote plan van de Heer. (Filippenzen 1:11 en 2:9) Dat wij hem de lof en dank en eer zullen brengen. Om het grote plan van God. Want Hij, ja Jezus de Zoon van God, Hij is aller Heer! Amen

 

Dit bericht heeft 2 reacties

  1. Monique van Mourik

    Mooi en fijn dat ik de overdenkingen hier kan terug lezen.

Geef een antwoord

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Abonneren