Marcus 1 vers 21 – 28 • Wie zeg jij?

Bij Marcus 1 vers 21 – 28 en Filippenzen 2 vers 1-11

Laten we eens beginnen met een uitstapje. Een uitstapje naar de vissersplaats Kapernaüm. Of zoals ook wel genoemd Kafarnaüm. Voor we verder gaan maken we een uitstapje, naar het evangelie van Lucas, en wel naar hoofdstuk 7. Daar wordt verteld dat er in Kafarnaüm een Romeinse centurio woonde. En deze Romeinse officier had een slaaf waarop hij bijzonder gesteld was. En deze Romeinse bewindvoerder vroeg aan de Joodse leiders van Kafarnaüm of zij Jezus wilde vragen om zijn slaaf te genezen. Want de slaaf van de centurio was ziek. Doodziek. De centurio vreesde voor het leven van zijn geliefde slaaf. En dan staat er even verder dat deze Romeinse centurio in Kafarnaüm een Joodse synagoge heeft laten bouwen. Een bijzonder gegeven!

Israël onder Romeins bewind

De stammen van Israël staan onder Romeins gezag. Het leven van de Joodse mensen in Kafarnaüm wordt beïnvloed door bestuurders vanuit een ander rijk. Je kunt het zelfs zien aan de gebouwen in de stad. De synagoge van Kafarnaüm, het huis van de Joodse school en het Joodse bestuur en de Joodse rechtspraak, het Joodse gebedshuis is mogelijk gemaakt door een Romeinse centurio! Stel je een kerkgebouw voor, een Gods- en gebedshuis waarop een plaquette zou zijn aangebracht met het opschrift ‘Dit gebouw is tot stand gebracht door een andersdenkende van deze stad’. En bij de ingang als hoeksteen ‘Deze eerste steen is gelegd door een randkerkelijke’ …

Tot zover ons uitstapje naar de evangelist Lucas. Maar dat was dus wel de synagoge van Kafarnaüm, waar Jezus op de sabbat, de gewijde dag van de week naar toe ging. Dat was dus de synagoge waar Jezus de mensen onderwees. Waar de mensen van Jezus onder de indruk waren. Waar Jezus sprak met gezag. De synagoge van Kafarnaüm. Mede mogelijk gemaakt door een Romein.

Verkondiging onder Romeins dak

En daar verkondigd Jezus het woord van God, het evangelie, de blijde boodschap. Van het koninkrijk van God is nabij, is aanstaande, is om je heen, leeft in jou. Jezus predikte bekering en het tot inkeer komen. Doe geen goede dingen om gezien te worden door de mensen. Of om bij God in een goed blaadje te komen. Maar doe goed omdat God goed is voor jou. Wijs niet naar de balk in andermans oog maar geef aandacht in de splinter in eigen oog. Zet je leven niet in het teken van geld en goed en genot. Allemaal van voorbijgaande aard, zei Jezus. Maar laat je hart bij God zijn, in het vertrouwen dat je hart en ziel en zaligheid voor eeuwig bewaard zijn bij God.

Dat, en nog veel meer is de toon die Jezus zet, zo lees ik in de Bijbel. Gelukkig als je verdriet hebt, maar je desondanks kunt laten troosten. Gelukkig als je onrecht ervaart, want dan zie je het goed, maar geloof maar, het komt goed. Gelukkig als je hongert en dorst naar eerlijkheid, want God wil niets liever dan dat. De grondtoon van Jezus’ verkondiging en prediking, de blijde boodschap. Goed nieuws voor iedereen, iedereen kan er iets mee, van welke komaf je ook moge zijn, zo klinkt het bij Jezus in en rondom het leerhuis van Kafarnaüm.

Verstrengelde belangen

Ja, dat leerhuis dat er kwam, mede mogelijk gemaakt door een Romeinse Centurio. De bevelhebber en legeroverste en aanvoerder van honderd man. Die de bouwplannen had goedgekeurd. Misschien wel aanpassingen had laten doen naar de smaak van de centurio. Een leerhuis dat niet vrij is van verstrengelde belangen. Het Joodse bestuur van het leerhuis dat kon rekenen op de sympathie van het Romeinse stadsbestuur. De Romeinse bewindvoerder die bij de Joodse gemeenschap in een goed blaadje stond. De Joodse gemeenschap en het Romeinse bestuur die elkaar aanvulden en tegemoet kwamen. Dat staat er ook bij de evangelist Lucas: ‘Geneesheer Jezus, kom de Romeinse centurio tegemoet, want hij is ons volk goedgezind’. En dat deed Jezus, kwam de centurio tegemoet en verbaasde zich over het geloof van deze Romein.

Een andere Stem

En Jezus staat er middenin, daar in de synagoge van Kafarnaüm. Tussen wat de mensen bindt en wat de mensen verschillend van elkaar laten zijn. En Jezus spreekt de mensen aan. En Jezus doet dat met gezag. Jezus’ woorden maken indruk. Hij sprak anders dan de schriftgeleerden, Jezus sprak met gezag, Zijn woorden spraken aan, sloegen aan. Ja, na verloop van tijd dan weet je het wel, hoe een bepaalde spreker spreekt, de rode draad van de preken, de voorbeelden die erbij worden gehaald, de thema’s die aangedikt of ontweken worden. ‘Ik zou wel eens iets anders willen horen’ kan er worden verzucht als een prediker te lang blijft. Maar in de synagoge van Kafarnüm horen de mensen ervan op: Jezus van Nazaret spreekt met gezag, weet waarover hij heeft, zegt nieuwe dingen, raakt de gevoelige snaar!

Ja, en dan gebeurt het, vertelt Marcus. Plotseling slaat de sfeer om als een blad aan de boom, als bij donderslag. Er breekt een opstand uit in de synagoge, in het leerhuis van Kafarnaüm. Nota bene in het huis door een Romein gebouwd! Waarbij in duidelijke taal wordt gezegd dat Jezus een buitenstaander is. Jezus van Nazaret die in Kafarnaüm als een indringer wordt bestempeld.

Hij is niet van hier

‘Je bent niet van hier’ klinkt er door de lokalen van het leerhuis. En ‘Wat heb jij ons nu te vertellen’ galmt er door de wandelgangen van het gebedshuis. De deuren en de ramen gonzen, het tuit in de oren van de toehoorders. Maar door alle geschreeuw heen klinkt ook dat Jezus de ‘heilige van God’ is. Waarin ook veelzeggend klinkt ‘Jij bent niet van hier’! Want ‘Jij, Jij komt van een andere wereld, Jij bent van God, Jij bent één en al heiligheid!’ Een compliment en een afwijzing tegelijk! Het huis is te klein! In Jezus is gezien dat de heiligheid van God van Hem afstraalt. De heilige bezieling van God, gedreven door Gods Woord en Geest.

Maar tegelijk is het in het leerhuis van Kafarnaüm teveel van het goede. Zoveel heiligheid kan het gebedshuis niet bevatten. En welk door mensenhanden gebouwd huis kan dat wel? Ieder huis, hoe heilig ook, zal te klein zijn! Zoals eens een Jesaja bij zijn roeping zei: ‘De zomen van Hem die op de troon zit vulde de tempel!’ Geen wonder dat een onreine geest onder de toehoorders er niet aan wil en zich verzet, er geen raad mee weet. Maar Jezus’ woorden doen ertoe, leggen het zwijgen op, drijven kwade geesten uit, ‘Mond houden en wegwezen!’ Krachtiger dan een Romeinse centurio bevelen kan geven legt Jezus een boze geest het zwijgen op, beveelt Jezus een boze geest weg te gaan.

Kafarnaüm 

Wie vandaag de dag Kafarnaüm bezoekt kan daar de fundamenten bekijken van de huizen uit de tijd van Jezus, en ook de restanten van de synagoge van Kafarnaüm zijn er te bekijken. En in één van die huizen zou Simon Petrus hebben gewoond. Ja, u weet wel, Simon Petrus, die discipel en apostel is geworden, visser van mensen en rots waarop Jezus Zijn Kerk is gaan bouwen. Petrus die we kennen als de schrijver van een brief waarin staat ‘Laat u gebruiken als levende stenen voor de bouw van een geestelijke tempel, een heilig volk, een koninkrijk van priesters …’

Ja, Petrus kwam uit Kafarnaüm. En aan deze Petrus vroeg Jezus in een goed moment: ‘Wie zeggen de mensen dat Ik ben?’ En de mensen gaven allerlei antwoorden, wie zij dachten dat Jezus was. Maar Petrus van Kafarnaüm zei: ‘U bent de Messias, van God gezonden!’ Wat zoveel zeggen wil als: U bent het die het rijk van God herstelt. U bent het die vrede en welzijn brengt. U bent het die recht spreekt en tot orde roept. U bent de Messias, de Eeuwige Koning en Priester!

En daarmee, de schreeuwende woorden galmden door de wandelgangen van Kaparnaüms synagoge, de aantijgende woorden, die hadden gelijk en die zeiden het goed: ‘U bent niet van hier!’ Want Hij was niet van hier, Hij was niet van deze wereld! Verre van dat! Hij lijkt in de verste verte niet op deze wereld!

Hij trok zich ons lot aan

Maar de wereld is wel van Hem! En Hij trok zich ook de wereld aan. Door mens te worden. Trok zich het lot van de wereld aan. Nam de gestalte aan van een mens, van een vernederd mens, van een aan het kruis gedood mens. Predikte de nabijheid van het Koninkrijk van God. Nee, Hij is niet van deze wereld. Maar de wereld is wel van Hem. En Gods verlangen is dat Zijn wereld deel gaat hebben aan Zijn Koninkrijk.

En zoals Hij eens aan Simon Petrus vroeg: ‘Wie zeggen de mensen dat ik ben?’, Simon Petrus de visser van Kafarnaüm, zo stelt Jezus van Nazaret en Jezus, de Zoon van God ook ons voor de vraag: ‘Wie zeg jij dat ik ben?’ Jij in jouw wereld van verstrengelde belangen. Jij in jouw wereld tussen God en mensen in. Jij in jouw wereld van water bij de wijn. Jij in jouw wereld tussen dat ene geloof in God en tal van aangehangen en betwiste waarheden. Jij in jouw wereld. Jij in jouw klein hoekje en ik in het mijne. Bij Jezus klinkt de vraag: ‘Wie zeg jij dat Ik ben?’

Goed om te weten: Geloof in Jezus Messias drijft kwade machten uit. Al dringt wat niet van God is zich wel op, juist omdat je in Jezus geloofd! Maar Jezus spreekt uit: ‘Zwijg en verdwijn, al wat niet van God is.’ Want Hem toelaten in je leven wil zeggen leven in relatie met Hem, waarbij het Koninkrijk van God gestalte krijgt in ons leven, en daarmee in de wereld. Zoals Petrus uit Kafarnaüm leerde; bouwen aan een geestelijk huis, een heilig priesterschap, met Jezus als het fundament, hoeksteen en sluitstuk. Alles loopt uit op Hem! En leven met Jezus in gedachten wil zeggen Hem meer en meer leren kennen, wetende dat Hij ons beter kent dan wij onszelf denken te kennen.

Leven in navolging van Hem wil zeggen vanuit de onvrede van de wereld meer en meer gaan leven in de vrede van God. Door juist wanneer je de liefdeloosheid van de wereld ziet de liefde van Jezus te leren kennen. ‘Woorden doen ertoe’ werd er deze week in de media gezegd. Moge Jezus’ woorden, en Jezus zelf het te zeggen hebben in uw en mijn leven! Want er komt ooit een tijd dat een elk belijdt dat Jezus is de Heer, de Vredevorst die het Rijk van God herstelt! En als Hij dan vraagt ‘Wie zeg jij dat Ik ben?’ Moge dan ons antwoord zijn: ‘U bent mijn God en mijn Heer!’
Amen

Geef een antwoord

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Abonneren