Marcus 11 vers 1-11 • Koning

Naar Marcus 11:1-11 en Zacharia 9:9&10

Laten we het eens over koningen en koninginnen hebben. Er zijn mensen die daar alles van willen weten. Die kijken naar televisieprogramma’s als Blauw Bloed en zijn geabonneerd op het tijdschrift Vorsten. Weer anderen zijn lid van een Oranjevereniging en staan op Prinsjesdag vooraan langs de route van de Gouden koets.

Koningshuis

Er zijn ook mensen die het koningshuis ter discussie stellen. Welke functie vervullen zij in het regeren van het land? Hebben ze niet te veel, of te weinig invloed? Zouden ze zich niet wat meer, of juist minder moeten uitspreken over zaken die spelen in de wereld? Soms gaan koning en koningin naar een land waarvan de mensen zeggen, dat zij zich daar niet moeten laten zien. Zoals bij een staatshoofd met een bedenkelijk imago. Of bij een evenement in een land met een streng regime. Andere keren worden koning en koningin juist wel verwacht om er te zijn. Om te troosten bij een drama. De betrokkenheid te tonen bij een succes. Het feest voor het volk compleet te maken.

Koningen en koninginnen, prinsen en prinsessen. Hun roeping is het volk op hart en handen te dragen. Een gelukkig volk draagt koninklijke families op handen. Hofleverancier zijn, het predikaat ‘Koninklijk’ of een lintje mogen dragen, het draagt er allemaal aan mee. Om niet te vergeten: ‘Gelukkig is het land dat God de Heer beschermt’.

Koning van de Joden

Laten we het eens over koningen hebben. Dat deed stadhouder Pilatus ook jegens Jezus van Nazareth. ‘Bent U de koning van de Joden?’ Jezus die een paar dagen tevoren op een ezelsveulen Jeruzalem was binnen gereden. Een intocht met koninklijke allure! Jubelende mensen langs de route. Kledingstukken die wapperen als vlaggen, als aankleding van het rijdier en als plaveisel van de weg. Een feestelijke optocht in de stoet van Jezus van Nazareth en zijn aanhang. Er kwamen Joodse feestdagen aan, Jeruzalem raakte al in feeststemming, het zou Pesach worden, het feest van de bevrijding vanuit Egypte, de verlossing van de slavernij van toen, het vieren van de religieuze Bevrijdingsdag. Als het ware met een koning van Israël erbij!

Psalm 118

Traditiegetrouw, de mensen zingen Psalm 118, ‘Dit is de dag die de HEER heeft gemaakt! Gezegend wie komt met de naam van de Heer! De HEER is God, Hij heeft ons licht gebracht! Gezegend het komende koninkrijk van onze vader, koning David! Laat uw koninkrijk komen!’ Als een aankomende koning wordt Jezus de stad ingeleid! Oude tijden keren weder, dank Gods wondere trouw. De glorietijden van koning David! Met Hem erbij is het feest compleet!

Vele wegen naar Rome

Maar dat de Romeinen in de dagen van Jezus het vieren van Pesach toestonden, dat was een gunst en een meevaller. Want de wereld in de dagen van Jezus van Nazareth stond onder Romeins gezag. En het Joodse land vormde daarin geen uitzondering. Maar het Romeinse bestuur stond Joodse feesten toe. De Romeinen schreven wel de wetten voor, maar lieten de Joodse mensen ook in hun waarden, gunde Joodse mensen hun eigenheid. Tot op zekere hoogte, weliswaar. Maar daarmee bewaarden de Romeinen wel de rust in het land. Mits het feest binnen de perken zou blijven, het geen protestactie, geen opstand, geen demonstratie zou worden. Aanstootgevend gedrag werd niet getolereerd.

Feestelijke optocht?

Logisch dat de feestelijke intocht van Jezus van Nazareth ook onder de Joodse leiders het nodige had losgemaakt. Want de toelaatbaarheid van Joodse feesten was gebaat bij een goede verstandhouding met de Romeinen. Zolang de Joodse leiders de kalmte onder het volk konden bewaren, zolang genoot het volk hun vrijheid van godsdienst. Konden zij samenkomen rondom de tempel en de synagogen, legde de Romeinen hen niets in de weg. Maar jezelf als een koning van de Joden de Stad van koning David binnen laten rijden, dat is vragen om problemen. Dan kun je erop wachten dat de Romeinen daar iets van vinden … Foute boel!

Of toch een protestmars?

Want o wee als zich iets voordoet dat over kon komen als een protestmars! Zoals een feestelijke optocht waarbij iemand als een koning van Israël wordt binnengehaald. Dat kan zomaar de vraag ontlokken zoals die van stadhouder Pilatus aan Jezus: ‘Bent U de koning van de Joden?’ ‘U zegt het …’ en ‘Mijn koningschap is niet van de hier’ zou Jezus daarop gaan zeggen. Waarop Pilatus weer concludeerde: ‘U bent dus koning van de Joden …’ Foute boel!

Koning Jezus

En toch zijn er talloze mensen die Jezus van Nazareth als Koning zien en beschouwen. Dwars tegen de spottende en waarschuwende tekst in die de Romeinen boven het kruis van Jezus van Nazareth hadden bevestigd. In meerdere talen, in het Hebreeuws, Grieks en Latijns stond het aangetekend en vastgespijkerd opdat het niemand zou ontgaan: ‘Dit is Jezus, de Nazarener, koning van de Joden’. Met andere woorden, weet wat je zegt en weet wat je doet bij een opstand. Dit komt ervan! Maar talloze gelovige mensen zijn ervan doordrongen geraakt, dat de spottende tekst van de Romeinen waar is, en een getuigenis en een belijdenis is! ‘Jezus van Nazareth is Koning en Heer!’

Betekenis voor nu?

Met een vergelijkbare beladenheid zoals in de dagen van Jezus van Nazareth, die als een koning Jeruzalem binnenreed, terwijl ook de Romeinse ordebewakers en gezagsdragers Hem in het oog hielden. Er zijn vandaag de dag ook landen en werelddelen waar christenvervolgingen plaats vinden. Overheden die het christelijk geloof verbieden of onder voorwaarden tolereren. Of gebruiken voor hun eigen idealen. Regeringen die geloof faciliteren als een zoethoudertje, een verdovend middel, toedienen als ‘opium voor het volk’. Of het standpunt hanteren dat het christelijk geloof een bedreiging is voor hun status. Waar christenen alleen in het verborgene samen kunnen komen, de Bijbel een verboden boek. Vanwege de overtuiging: ‘Jezus Christus is Koning.’

En wat als een stichting of een club of een instelling of een partij een christelijke identiteit draagt? Soms weet een samenleving van een christelijke identiteit, kan een andersdenkende samenleving daar ook wel mee leven. Een subsidieverstrekker kan die identiteit soms ook waarderen, respecteren, accepteren. Mits ‘het geloof’ maar niet de boventoon voert, de hoofdmoot is, kan er dan bij worden gezegd. Het delen dat ‘Jezus de Koning, Herder en Heer van je leven is’ maakt je als gelovige kwetsbaar. Daar kan gemakkelijk wat van vonden gevonden. Zoals in ‘Coronatijd’ waarin kerken onder een vergrootglas, en soms onder vuur liggen.

Eenvoudige voorstelling

Een betekenisvolle vraag, wat ‘Jezus is Koning’ inhoudt. Het antwoord komt aan het licht in het besef waarom Jezus een ezelsveulen koos als rijdier bij zijn ‘koninklijke intocht’. Een ‘theologisch’ antwoord zou kunnen zijn ‘om de Schriften te vervullen’.  Zoals het Schriftwoord van Zacharia 9:9 waar staat dat ‘de koning in aantocht is op een jonge hengst, het jong van een ezelin, een ezelsveulen. Het is helemaal waar: ‘Koning Jezus vervult de Schrift’.

De weg van de vrede

Maar aansluiten bij Zacharia 9 vers 9 leert dat Jezus in vrede komt. Al keert de hele wereld zich tegen Hem, Hij blijft het toonbeeld van vrede. Hij drijft geen mens in het nauw, maar reikt de uitwegen, de vluchtwegen aan. De terugweg naar de menselijkheid, de weg terug naar de hemelse Vader. Nederig van hart, dienstbaar aan Hem en de ander,  profeet Zacharias duidt: deze Koning gaat de vrede dienen, de vrede onder de volken herstellen. De vrede die van Sion uit zal gaan. Niet te bevatten, Jeruzalem zal eens haar naam eer aandoen, de Stad van de Vrede. De vrede van God die alle volken gaat verbinden. Dat gaat ons begrip te boven, maar Gods Woord daagt uit daar naar uit te zien. Zo zal het zijn bij Koning Jezus. De weg van de vrede en herstel. Bij Zijn komst!

De weg van de eerlijkheid

En Jezus bewandeld de weg van de gerechtigheid, de rechtvaardige levenswandel, die van de oprechtheid en de eerlijkheid. Waar mensen de anderen beschuldigen van gedaan onrecht, daar spreekt Hij over balk en splinter. En over wie zonder zonde is, die mag de eerste steen werpen. Voor de goede verstaander: stenigen is een doodstraf. Hij ziet de verhoudingen scherp: vrome lieden doen soms hele duiten in het zakje. Maar Jezus ziet ook een arme weduwe alles geven wat zij heeft, tot de laatste cent.

Jezus ziet een vrouw die Hem zalft met olie, zoals priesters, koningen en overledenen in Bijbelse tijden werden gezalfd. Jezus leert dat het de opdracht is om altijd voor de armen te zorgen. En dat liefde vanuit het hart meer waard is dan offers uit gewoonte. Zoals die vrouw die Jezus recht deed als priester en koning. En Jezus Christus die eens recht zal gaan doen. Zoals een lied bezingt:

’Jezus leeft in eeuwigheid,
Zijn Sjaloom wordt werk’lijkheid.
Alle dingen maakt Hij nieuw.
Hij is de Heer van mijn leven’.

Jezus, Koning van ons leven

Wanneer Jezus de Heer, de Koning van ons leven is, dan betekent dat Zijn voorbeeld volgen. Als Hij ons vooruitgaat en tegemoet komt in vrede en nederigheid, dan verlangt Hij, Koning Jezus dat ook van ons! Anders staan we Hem en Zijn vrede in de weg, breken wij Zijn vrede af, zaaien we onvrede. ‘Laat Uw Koninkrijk komen!’

Om het zo te zeggen: Wie in Zijn voetspoor gaan, Zijn voorbeeld volgend, in alle eenvoud en bescheidenheid, zijn ‘Koningskinderen!’ Hen komt het Koninkrijk van de hemel toe. Laat het op aarde zijn zoals de hemel bedoeld. Niet meer en niet minder! Prinsen en prinsessen in het Koninklijk huis van God de hemelse Vader. Om in Zijn naam de koninklijke weg van vrede en eerlijkheid te bewandelen. Altijd en overal. En Hij gaat met ons mee en staat ons terzijde. Ook en juist als het niet lukt. Koningskinderen met vallen en opstaan. Dat laatste vooral! Opgestaan in de naam van de Here Jezus, de Koning van alle leven, van het leven, die ons het leven gegeven heeft.

Ziet Hem verschijnen, Jezus onze Heer!
Hij brengt al de zijnen in zijn armen weer.
Weest dan volk des Heren,
blijd’ en welgezind,
en zegt telkenkere: Christus overwint!
U zij de glorie, opgestane Heer,
U zij de victorie, nu en immermeer.

Amen

Geef een antwoord

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Abonneren