Marcus 14 vers 1 – 10 • Geur

Naar Marcus 14:1-10 en 2 Korintiërs 2:15

De meeste mensen in mijn omgeving verdienen geen kapitalen. Jawel, er zijn een aantal mensen die bovengemiddeld budget hebben te besteden, het resultaat van gedegen studeren, een positie met een flinke verantwoordelijkheid, economisch de tijd mee hebben gehad en daardoor nu in het bezit van een kapitale woning, een riant pensioen en vermogen achter de hand. Maar de meeste mensen die ik ken doen het met minder. Door eenvoudig te leven zonder grote uitspattingen lukt het sommigen om te sparen. Omwille van de grotere uitgaven die vroeg of laat zijn te verwachten.

Want als de wasmachine stuk gaat, dan is dat wel een ding. Schone kleding, schoon beddengoed, schone handdoeken, geen luxe maar noodzaak. En als de auto niet meer door de APK komt sta je zomaar voor grote kosten. Je zult toch naar je werk moeten, boodschappen doen, de kinderen halen en brengen door weer en wind. En als het dak lekt en het wordt van kwaad tot erger, of de ketel gaat stuk en de kosten zijn voor jou, ja, dan zul toch echt flink in de buidel moeten tasten.

Al met al gaat het dan vaak om serieuze bedragen. Met het idee dat je met een nieuwe wasmachine weer jaren hoopt te doen. Met die andere auto evenzo. En ook die dure reparatie in huis is hopelijk klaar voor de langere termijn. Waarvoor kan zijn gespaard, en op andere dingen zijn bespaard.

Simon de melaatse

Jezus was te gast in het huis van Simon. ‘Simon de melaatse’ staat er in de Herzien Statenvertaling. ‘Simon die aan huidvraat had geleden’ zegt de Nieuwe Bijbelvertaling. Een wereld van verschil. In de eerder genoemd vertaling is Simon melaats. In de de laatst genoemde vertaling heeft Simon het gehad. De ene of de andere Bijbelvertaling maakt een verschil. Maar positief of negatief getest op huidvraat, volgens de Herziene Statenvertaling draagt Simon nog altijd die bijnaam: ‘Simon de melaatse’! Je bent er dus zomaar niet vanaf. De huidvraat die kleeft aan Simons naam. Hij is er nog altijd mee behept! Hij heeft een naam komt daar niet vanaf.

Melaatsheid of huidvraat, waarmee waarschijnlijk lepra wordt bedoeld. En daarmee zal Simon een tijd niet hebben kunnen werken. Daar gaat je inkomen. Want als je aan huidvraat lijdt ben je mogelijk besmettelijk. Wat je aanraakt, daar komt een smet aan. Wie bij je in de buurt komt loopt het risico ook besmet te raken. De sociale contacten moest Simon tot een minimum beperken. Voor je weet maar nooit. Daar gaan je relaties. Hoe bekend klinkt het ons in tijden van Corona in de oren. En ongetwijfeld zou deze Simon er een kapitaal voor over hebben gehad om genezen te zijn van zijn huidvraat, verlost van zijn isolement, weer aan het werk te kunnen.

En het zou heel goed kunnen dat Simon er een lieve duit voor over zou hebben gehad om van die nare bijnaam ‘de melaatse’ af te komen. Zijn goede naam was eraan gegaan. Hij zou wensen dat hij weer gewoon ‘Simon van Betanië’ zou zijn. Niet dat nare stempel. Niet die onmenselijke verdachtmaking. En toch heeft deze Simon heeft geluk gehad. Beter gezegd, hij heeft genade ondervonden. Hoe dan ook! De Here Jezus is aanwezig in Zijn huis! Jezus van Nazareth heeft zich niet laten weerhouden, maar is over Simons drempel heengestapt. Voorbij het afstand bewaren. Samen aan tafel. Een feestmaal in Simons huis in Betanië! Welke gelovige zou daar nu niet blij van worden! Jezus als geliefd mens aan tafel! ‘Aan tafel!’ Het feestmaal is klaar!

Maria, de zus van Marta en Lazarus

Een feestmaal, wil het echt een feestmaal zijn, dan is dat meer dan je bord leegeten en je glas leegdrinken. Bij een echt feestmaal wordt het glas geheven. Zoals Jezus doen gaat bij een ander feestmaal. Jezus heft dan een beker wijn op bij het Pesachmaal en draagt de wijn op: ‘Dit is Mijn bloed, drinken jullie deze wijn voortaan terwijl je denkt aan Mij’. En in datzelfde Pesachmaal brak Jezus brood. ‘Als je voortaan bij dit feestmaal brood breekt, denk er dan aan hoe Mijn lichaam is gebroken’.

Ook Psalm 23 loopt uit op een Koninklijk feestmaal, de beker aan tafel loopt over, aan het Koninklijke feestmaal van de Herderspsalm is er rijkelijk overvloed, het hoofd wordt gezalfd met geurige olie.

En dat sluit aan bij wat er in het huis van Simon plaats vindt, het feestmaal wordt opgeluisterd door Maria die ook aan tafel gaat, aanschuift bij Jezus en Hem rijkelijk zalft met de kostbare zuivere olie. Nardus-olie nog wel, en Bijbeluitleggers vertellen dat het hier gaat om olie getrokken van een plant met stengels en wortels, oorspronkelijk afkomstig uit het berggebied van de Himalaya in Noord India, een lange reis bij Israël vandaan.

Een kostbaar geschenk

Bijbelverklaringen laten weten dat het hier gaat om een vermogen, een kapitaal, een kostbaar geschenk. Denk daarbij aan het bedrag van een gemiddeld jaarsalaris! Dat heb je zomaar niet bij elkaar gespaard. Maar Maria gaat er bij lange na niet spaarzaam mee om! Zij geeft een jaarsalaris in een handomdraai uit, kosten nog moeiten worden bespaard, Maria zalft Jezus hoofd met olie, de albasten kruik loopt over want ze heeft de hals ervan afgebroken, tot aan de laatste druppel is de kostbare olie, de parfum voor de Here Jezus.

De geur trekt door het gele huis, laat de evangelist Johannes weten. Voorafgaande aan Paulus die in Filippenzen 4:18 dat een gave voor het werk van de Heer is als een heerlijke geur. En in 2 Korintiërs 2 vers 14 neemt Paulus waar dat het kennen van Jezus zich als een aangename geur verspreid, door de mensen die van de Here Jezus Christus zijn gaan houden, die Hem hebben leren kennen. Een heerlijke geur. De geur van de Nardus-olie die door het hele huis van Simon te ruiken was, schrijft Johannes 12:3. Een heerlijke geur.

Onbetaalbare liefde

Je moet wel heel veel van iemand houden, wil je een cadeau doen van een jaarsalaris. Ja, dan moet je iemand wel bijzonder lief hebben. Een beetje trouwerij kost je een lieve duit. Een trouwjurk, een kostuum, een zaaltje, een taart. En natuurlijk een lekker luchtje voor hem en voor haar. Maar ondertussen, De bedragen lopen snel op, maar als je elkaar lief hebt, heb je het ervoor over. Met alle liefde zelfs! Om nog lang en gelukkig te leven!

Maar dan Maria in het verhaal van Marcus. Dat haar naam Maria is, dat weten we van de evangelist Johannes. Haar liefde voor Jezus geurt van haar af. Maria die de zus van Marta en van Lazarus is. Maria die aan de voeten van de Heer is geweest om Zijn stem en woorden te horen. Marta die toen zo bezig kon zijn met van alles en nog wat. Ongetwijfeld ook bij dit feestmaal in het huis van Simon! Omwille van het feestmaal. En Maria is de zus van Lazarus die de dood al in de ogen had gezien, maar ook het levenslicht weer mocht gaan zien. Hij was er ook. Lazarus door de Here Jezus tot het licht, tot leven geroepen! Alle reden om het leven te vieren! Alle reden om de Here Jezus lief te hebben!

De waarde van een mens

Hoeveel is een mensenleven waard? Het leven van Lazarus, onbetaalbaar. Maria’s liefde voor Jezus, van onschatbare waarde. Maar ze geeft er wel blijk van, wanneer zij de zuivere nardus-olie uitgiet over het hoofd van Jezus, de Heer van haar leven, die haar broer Lazarus uit zijn graf vandaan heeft geroepen, het leven heeft weergegeven! Zij heeft haar broer voor geen prijs willen missen. Haar liefde voor Jezus is niet uit te drukken. Maria die haar liefde Here Jezus uit door het uitgieten van olie, in dat ene kostbare moment!

Ja, bij een kostbare aankoop rekenen mensen erop, dat zij voor lange tijd plezier van hun aankoop zullen hebben. Je koopt een huis en hoopt daar jaren woongenot van te hebben. Je koopt een auto waarmee je de komende jaren vooruit kunt. Maar ook ‘in natura’ gaat dat op. Je boekt een dure vakantiereis van een paar weken, om je leven lang aan terug te denken. Je gaat studeren en dat kost tijd en geld en energie, om daar de komende loopbaan profijt van te trekken. Kortom, geld kun je maar éénmaal uitgeven dus je moet het wel goed doen.

Maria’s liefde

Maar dan die vrouw, Maria die ‘zomaar’ een jaarsalaris in een enkel moment uitgiet en wegschenkt. ‘Zonde van het geld’ zeggen de omstanders. ‘Daar had je betere dingen mee kunnen doen’ beredeneren weldoeners. Waarop Jezus iets zegt dat je zou kunnen opvatten als ‘korte termijn denken!’ Arme mensen heb je altijd bij je, die zullen er altijd maar zijn. Maar dit is ‘korte termijn’ waarop Ik bij jullie ben! Ik zal niet altijd bij jullie zijn. Maar dit is de ‘korte termijn’ waarop jullie Mij jullie liefde kunnen geven!

Bij de Here Jezus geen tijdelijkheid en geen afschrijving en bij lange na geen korte termijn in de berekenbare en beredeneerbare zin. Bij Jezus, de Heer van het leven gaat het om liefde en om eeuwigheidswaarde! Hij zegt: ‘Waar ook maar het evangelie klinkt, daar zal van haar liefdesdaad verteld worden!’

Judas’ verraad

Waar Judas in het verhaal niet mee kan leven. Hoeveel is een mensenleven waard? Wat hebben schriftgeleerden en hogepriesters over voor het leven van mensen? Judas maakt de balans op, als een rekenmeester. Het volgen van Jezus had hem niet gebracht wat hij ervan had verwacht. Jezus had voor- en tegenstanders. Hij moest kiezen, mee met Jezus en zijn idealen, of afstand van Hem gaan nemen, en van Zijn ideeën. Mogelijk dat Judas  heeft bedacht, dat er van hem gezegd kan gaan worden: ‘jij hoorde toch ook bij Jezus van Nazareth?’ Judas die dan kan zeggen ‘vroeger wel maar nu niet meer’.

En dan is een kapitaal achter de hand nooit weg. Niet langer afhankelijk zijn van gulle gevers. Of leven van alleen het noodzakelijke. Onafhankelijk zijn van Jezus. Judas gaat op weg. Van Jezus weg. Hij gaat zijn eigen weg. Op weg naar schriftgeleerden en hogepriesters. Hoeveel is een mensenleven waard? En hoeveel Jezus van Nazareth?

Ruilhandel, mensenhandel

Over mensenhandel gesproken. Dertig zilverstukken, lezen we bij Mattheus 26. Bloedgeld. Mogelijk dat het ‘Tempelgeld’ was, het wisselgeld dat de Here Jezus bij de ‘Tempelreiniging’ van tafel had geveegd en te grabbel had gegooid. Volgens Bijbeluitleggers de kostprijs zijn dertig zilverstukken de kostprijs van een slaaf of een slavin, volgens Exodus 21 vers 32. Dat hebben de schriftgeleerden, de hogepriesters en Judas voor Jezus over. Hooguit. Simon en zijn feestmaal, Maria en haar Nardus-olie, Judas en zijn verraad, naar onszelf vertaald: hoe wil jij, hoe wilt u, hoe willen wij dat er over ons gesproken wordt? Tot in lengte van dagen? Op de lange termijn?

Geur en herinnering

Hoe willen jij, u, ik herinnerd worden bij mensen? Hoe willen jij, u, ik herinnerd worden in het licht van God? Om je ineens te bedenken dat ‘geur’ en ‘herinnering’ in de menselijke ervaringen heel dicht bij elkaar liggen. Bij het ruiken van een geur komen de meest uiteenlopende herinneringen naar voren. Herinneringen aan mensen, dieren, planten en locaties, aan sferen en situaties. Aan geliefden en aan de liefde. Dat mensen die bij de Here Jezus horen, en die van de Here Jezus houden, dat die mensen voor de Here God zijn als een ‘aangename geur’, bij Hem in herinnering komen. (2 Korintiërs 2:15) Dat zij die de Here Jezus liefhebben altijd en overal een aangename, een heerlijke geur van liefde mogen verspreiden!

Amen

Dit bericht heeft één reactie

Geef een antwoord

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Abonneren