Matteüs 7 vers 24 – 27 • Steengoed of los zand

Matteüs 7:24-27

Wie deze woorden van Mij hoort en ernaar handelt, kan vergeleken worden met een wijs man, die zijn huis bouwde op een rots. Toen de regen neerstroomde en de beken buiten hun oevers traden, en er stormen opstaken en het huis van alle kanten belaagd werd, stortte het niet in, want het was gefundeerd op een rots. En wie deze woorden van Mij hoort en er niet naar handelt, kan vergeleken worden met een dwaas man, die zijn huis bouwde op zand. Toen de regen neerstroomde en de beken buiten hun oevers traden, en er stormen opstaken en er van alle kanten op het huis werd ingebeukt, stortte het in, en er bleef alleen een ruïne over.’

Jezus over stenen

Jezus van Nazareth heeft iets met stenen. En stenen hebben iets met Hem. Tot mensen die zijn volgeling wilden zijn zei Hij: ‘Weet wel waar je aan begint, want zelf heb Ik nog geen steen om als hoofdkussen te gebruiken’. Bij God en in het geloof zijn alle dingen mogelijk. Maar toen de duivel Jezus uitdaagde om van stenen broden te maken was Jezus’ antwoord dat je de Here God niet moet verzoeken.

Er werd een vrouw bij Jezus gebracht die van overspel werd beschuldigd. Het was niet eens zo zeer om de vrouw te doen, maar een groepering wilde Jezus in verlegenheid brengen. Volgens de gevestigde orde moest de vrouw worden gestenigd. Maar Jezus zei hen, dat wie zuiver tot op het bot was de eerste steen mocht smijten. Tot de vrouw zei Hij niet te oordelen. Zoals Hij ook zei ‘niet gekomen te zijn om te oordelen maar om te redden’. Wel een goede raad: bewaar je eerlijkheid en je zuiverheid.

Tot Petrus, Jezus’ leerling die te boek staat als één van Jezus vooraanstaande leerlingen zei Hij: ‘Petrus, je bent een kei, een rots om op te bouwen. Op jou bouw Ik mijn Kerk’. Bijzonder, Petrus had Jezus ook wel eens laten vallen. In figuurlijke zin dan. Toen kraaide er een haan en viel Petrus van zijn voetstuk. Maar bij Jezus kwam het goed, ook met Petrus.

Daar zal deze Petrus later vast aan terug hebben gedacht, toen hij in één van zijn brieven tot gelovige mensen schreef ‘laat je gebruiken als een levende steen, en voeg je bij Hem, de Hoeksteen’. Voor Petrus is het duidelijk, de Heer maakte dan wel een woordspeling met zijn naam, Petrus is afgeleid van petra wat steen betekentMaar juist voor Petrus is Jezus de Hoeksteen. De Hoeksteen die Joods en Christelijk geloof als muren met elkaar verbindt.

Steenrots  of zandgrond?

Toen Jezus de vergelijking maakte met een huis op steen of zand gebouwd, had Hij aan de mensen verteld hoe Hij de Schrift, de Thora, de Joodse Bijbel interpreteert. Zonder daar ‘een jota’ van af te doen, zonder ook maar een letter of titel terzijde te schuiven. Een ‘jota’, dat is de allerkleinste letter van het Hebreeuwse alfabet. Waarop Hij zei: ‘Leef mijn woorden na en je zult zijn als iemand die zijn huis bouwt op een rots’. Leef ze na, bind ze om je hals, schrijf ze op de tafel van je hart. Ook de kleine lettertjes!

Wat zullen deze woorden stellig hebben geklonken! En wanneer je daar goed over na denkt, klinken ze zo nog altijd. Stevige taal, vanuit een rotsvast geloof en met een stellige zekerheid. Maar voor wie gelovig leven is het de keuze daar wel of niet in mee te gaan. Bouwen op steen of bouwen op zand. Wanneer je deze woorden hoort of leest, wat ga jij vandaag en morgen doen?

Geef een antwoord

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Abonneren