Evangelisten op de klok

Evangelisten op de klok

Aan antieke en retro klokken kunnen allerlei figuren en voorstellingen zijn meegegeven, in de vorm van koperen en houten elementen en gedetailleerde beschilderingen. Zoals de Griekse godheid Atlas die het heelal op zijn schouders draagt, Saturnus de Romeinse godheid van de landbouw en het uitgezaaide graan. Zeemeerminnen als symbolen van de onbereikbare liefdes, een zandloper voor de vergankelijke tijd.

Friese Staartklok
Een Friese Staartklok met maanstanden

Evangelisten op de wijzerplaat

Ook de jaargetijden kunnen aan een klok zijn toegevoegd. Een vrouw met bloemen voor de lente, en met een sikkel en graan voor de zomer. Een man met een wijnfles en wijnranken voor de herfst en bij een vuur voor de winter. Mijn aandacht werd getrokken door de beschrijving van antieke Friese Staartklokken. Waarvan op de beschilderde wijzerplaten de vier Bijbelse evangelisten in de hoeken staan afgebeeld. De evangelieschrijvers Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes, zoals deze op volgorde in de Bijbel zijn gerangschikt.

Mens, leeuw, stier, adelaar

Waarbij opvalt dat de evangelisten Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes als gewone mensen, maar soms als engelen gevleugeld kunnen zijn. Daarbij vergezeld of uitgebeeld als respectievelijk een mens, een leeuw, een stier en een adelaar. Wat bij mij de vraag opriep waar deze voorstellingen op gebaseerd zijn. Mijn nieuwsgierigheid was gewekt. Al zoekende blijken daar gedachten uit de vroege kerkgeschiedenis aan vooraf te zijn gegaan. Bijbelse gedachten met oude papieren.

Ezechiël

Om te beginnen las ik over een verwijzing naar de profeten van het Oude Testament, het oorspronkelijke Joodse deel van de Bijbel, naar de profeet Ezechiël. De Joodse profeet Ezechiël verblijft met zijn volksgenoten noodgedwongen als balling in Babylonië, ver afgelegen van Jeruzalem. Vreemdelingen gedwongen om te leven in een vreemd land, in een vreemde cultuur, vreemde goden temidden van een vreemde taal. Zoals ook het Bijbelverhaal van de torenbouw van Babel aandraagt, waar spraakverwarring optreedt. Daar ziet Ezechiël een visioen, van vier wereldvreemde wezens die hij de stralende verschijning van de HEER noemt en als volgt beschrijft:

Ezechiël 1:9&10

De gezichten en vleugels van de vier wezens zagen er zo uit: hun vleugels raakten elkaar, en omdat ze aan elke kant een gezicht hadden, hoefden de vier wezens zich niet om te draaien als ze zich voortbewogen. Hun gezichten leken van voren op het gezicht van een mens en van rechts op de muil van een leeuw, van links op de kop van een stier en van achteren op de bek van een adelaar.

Openbaring

Uit het Nieuwe Testament, wat genoemd kan worden het christelijke de van de Bijbel, uit het boek Openbaring is het visioen van de vier wezens bij Ezechiël werd beschreven ook bekend. Het boek Openbaring wordt toegeschreven aan Johannes die vier wezens beschrijft, vergelijkbaar met de beschrijving van Ezechiël met de voorstelling van een mens, een leeuw, een stier en een adelaar.

‘Openbaring’ blijkt mede daarmee een christelijk boek met Joodse wortels. Waarin Joodse en christelijke teksten met elkaar in verband worden gebracht. Zoals het boek Ezechiël geschreven is in een tijd van verbanning van Joodse mensen, zo is het boek Openbaring geschreven in een tijd van christenvervolging. Geschreven op het eiland Padmos in bewoordingen voor de goede verstaander, grenzend aan symbolische taal, geloofstaal, geheimschrift.

Openbaring 4:6&7

Midden voor de troon en eromheen waren vier wezens, die van voren en van achteren een en al oog waren. Het eerste wezen zag eruit als een leeuw en het tweede als een jonge stier; het derde had een gezicht als een mens en het vierde leek een vliegende adelaar.

Joods christelijke verwantschap

In de vroeg-christelijke kerk waren de vier evangeliën van Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes al bekende documenten, gedeeld onder de christelijke gemeenten. De geschiedenis leert dat deze vier evangeliën zo gedeeld en aanvaard waren onder de gelovigen van de eerste eeuw, dat zij als gevolg daarvan als gezaghebbend in de canon van de Bijbel zijn opgenomen.

Geworteld in Abraham, Isaak en Jakob

Waaruit enerzijds blijkt hoe het christelijk geloof is voortgekomen uit het Joodse geloof, dat het christelijk geloof niet op zichzelf staat maar geworteld is in de nakomelingen van Abraham, Isaak en Jakob, het volk van de Israëlieten.

Delen in het lijden

Anderzijds het delen in het lijden, het Joodse volk heeft in alle tijden geleden onder wat genoemd wordt antisemitisme. Maar ook christenen zijn niet vrij van vervolging. Het christelijk geloof groeit juist daar tegen de verdrukking in.

Sint Pieter en Sagrada Familia

In de Sint Pieter van Rome zijn de vier evangelisten Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes afgebeeld in plafondschilderingen, met respectievelijk in hun nabijheid een mensenkind, een leeuw, een stier en een rund. Evenals op zuilen in de Sagrada Familia in Barcelona. Blijft de vraag waarin de vergelijkingen zijn geworteld.

De vier evangelisten

Matteüs (60-75 na Christus)

De evangelist Matteüs afgebeeld als een mens, naar het voorbeeld van het Matteüs-Evangelie, dat begint met de stamboom, de familielijn van Jezus Christus, zoon van David, zoon van Abraham. (Matteüs 1:1) een menselijke stamboom.

Marcus (60-70 na Christus)

Dan de evangelist Marcus, afgebeeld als een leeuw. Het Evangelie naar Marcus begint bij de vertelling van Johannes de Doper in de woestijn, die Jezus doopt in de rivier de Jordaan. En vrijwel direct daarna wordt Jezus ook de woestijn in gedreven om beproefd te worden, en om te leven bij de wilde dieren (Marcus 1:13). De wilde dieren waar de leeuw toe behoort.

Lucas (80 na Christus)

Vervolgens de evangelist Lucas, met de voorstelling van een stier. Het Lucas-Evangelie begint met de vertelling van priester Zacharias in de tempel van Jeruzalem. Zacharias en Elisabet zullen de ouders gaan worden van Johannes de Doper. Maar als priester deed Zacharias dienst in de tempel. Waar runderen, stieren werden geofferd. (Lucas 1:5-7)

Johannes (90-100 na Christus)

Tot slot de evangelist Johannes, voorgesteld als adelaar. In de traditie wordt ook het boek Openbaring aan de evangelist Johannes toegeschreven, evenals de drie Bijbelse Brieven van Johannes. Evenals het boek Openbaring is het Johannes-Evangelie diepzinnig geschreven. Vandaar de adelaar, een ware hoogvlieger. Johannes schrijft in grootse taal. (Johannes 1:1-5)

Johannes 1:1-5

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Het was in het begin bij God. Alles is erdoor ontstaan, zonder het Woord is niets ontstaan van wat bestaat. In het Woord was leven en het leven was het licht voor de mensen. Het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet in haar macht gekregen.

BRON: Evangelisten op de klok