Maarten Luther (1483-1546) • Protestantisme

Maarten Luther

Over theoloog en reformator Maarten Luther is veel geschreven. Zowel Luthers levensloop, zijn stellingen tegen de aflaatbrieven is in verschillende bronnen uiteengezet, evenals een rijke verzameling van markante uitspraken en de legendarische aanleiding om monnik te worden. Daarom er hier voor gekozen enkele bronnen aangaande Luther te vermelden. En ons te beperken tot Luthers’ geloofsopvatting.

Blikseminslag

Het verhaal gaat dat Maarten Luther, wiens vader Hans Luther hem had aangespoord om rechten te gaan studeren in 1505 op weg naar Ehrfurt terecht komt in een onweersbui. Waarbij er in zijn nabijheid een blikseminslag heeft plaatsgevonden, waarbij Luther tegen de grond zou zijn geslingerd. Angstig zou Luther de heilige Anna hebben aangeroepen en de belofte hebben gedaan om monnik te worden. Maarten houdt woord en wordt monnik, tot weerzin van zijn vader, een boerenzoon die in de mijnbouw is gaan werken om het gezin waaruit Maarten is voortgekomen in betere omstandigheden te brengen met gunstiger vooruitzichten. Desondanks, Luther wordt monnik en later priester.

Persoonlijke noot:

De blikseminslag doet mij denken aan Paulus op weg naar Damascus, die verblindt door licht tot inkeer wordt gebracht. (Handelingen 9:3&4)

Genade en rechtvaardiging

Luthers geloofsvraag is te verwoorden als ‘Hoe krijg ik een genadig God’. Of anders verwoord ‘Hoe krijg ik God genadig?’ Deze benaderingen impliceren en veronderstellen dat de genade inspanning vraagt van de mens. Maar hebben ook in zich om God te willen bewegen, bevatten en beheersen. De eerste verwoording van ‘Hoe krijg ik een genadig God’ lijkt te zeggen dat er allerlei godsbeelden ofwel voorstellingen van God zijn te maken. Variërend van liefdevol tot jaloers, van vergevend tot almachtig, van rechtvaardig tot barmhartig van aard. ‘Hoe krijg, verkrijg ik een genadig God?’

Dit in het besef dat God door de tijden en de geschiedenissen heen door de mens en de menselijke geschiedenis tegemoetgekomen is met beloften, offers en tempelbouw. Zoals ook Luther zelf die voorafgaande aan zijn vragen zichzelf heeft toegewijd om monnik en later priester te worden. In hoeverre stelt dat God genadig? En zijn alle inspanningen en aflaten daartoe genadig?

Hoe krijg ik God genadig?

De volgende vraag ‘Hoe krijg ik God genadig’ kan meer persoonlijk worden opgevat, of zelfs relationeel: hoe kan God bewogen worden in relatie tot mij om mij genadig te schenken? Hoe kan ik God ervoor laten kiezen genade te betonen? Maar hoe de vraag ook gesteld wordt, de vraag gaat uit van de mens die heeft te bewerkstelligen, de mens die zich in zal moeten spannen, de mens die te doen heeft, hopende op genade.

Luthers sleutel tot de genadeleer

Het onderstaande Bijbelgedeelte uit Paulus’ brief aan de christelijke gemeente van Rome is een voorbeeld van Luthers’ vernieuwde inzicht: dat God in Jezus Christus de mensheid, Joden en heidenen in Zijn ondoorgrondelijke wijsheid tegemoet is gekomen met Zijn genade. Ziende dat zowel zij die tot Gods uitverkoren geslacht behoren, de kinderen van Abraham, Isaak en Jakob, Gods geliefde volk Israël, het Joodse volk Zijn wetten niet na konden leven, en dat ook de proselieten, de Joden-genoten, en de heidenen niet in staat waren om als rechtvaardigen tegenover God te staan.

Gerechtvaardigd door geloof

Geen goede daad, geen oprechte levenswandel, geen gebracht offer en geen zelfopoffering zou genoegdoening geven. Maar God is in Zijn genade de onrechtvaardige mens tegemoet gekomen, door Zijn Zoon prijs te geven aan het kruis. Gerechtvaardigd door geloof in Jezus Christus.

Romeinen 3: 21-26

Maar nu is Gods gerechtigheid, waarvan de Wet en de Profeten al getuigen, zichtbaar geworden buiten de wet om: God schenkt vrijspraak op grond van geloof in Jezus Christus, aan allen die geloven. En er is geen onderscheid. Want iedereen heeft gezondigd en ontbeert de nabijheid van God, en iedereen wordt uit genade rechtvaardig verklaard, om niet, dankzij de verlossing door Christus Jezus.

Hij is door God aangewezen om door zijn dood het middel tot verzoening te zijn voor wie gelooft. Hiermee toont God zijn gerechtigheid, want in zijn verdraagzaamheid gaat Hij voorbij aan de zonden die in het verleden zijn begaan, om nu, in deze tijd, zijn gerechtigheid te bewijzen: Hij laat zien dat Hij rechtvaardig is door iedereen vrij te spreken die in Jezus gelooft.

Praktijk van de aflaat

Dit beseffende stuitte Maarten Luther tegen de praktijk van de aflaat. Paus, bisschoppen en priesters in de vroege kerk kregen de rol toegedicht als zijnde middelaars tussen God en mensen namens de kerk. Als sleutelbewaarders van de hemel. Ongerechtigheden ofwel zonden konden worden opgebiecht bij paus, bisschop of priester. Deze gaf dan daarop aan welke ‘wederdienst’ er gedaan moest worden om weer in het reine te komen. Daarbij opgemerkt dat hierbij wereldlijk en kerkelijk gezag in elkaar overliepen. Een ‘wederdienst tot vergeving van zonde’ was dus een boetedoening.

Boetedoening

Waarbij de priester een boetedoening op kon leggen in de zin van religieuze taken zoals onthouding van genotsmiddelen, het vasten en bidden, of meer praktisch doen aan kerk- en kloosteronderhoud, een ‘boete’ in geld of goederen of werkzaamheden verrichten op het landgoed van een grondbezitter. Waarmee verstrengeling van belangen. Waarbij ‘de kerk’ aan zondevergeving ging doen. En daarbij richtlijnen werden opgesteld waarmee welke ‘boete’ er stond tegenover welke ‘zonde’.

Aflaatbrieven

Dat hier misbruik op de loer lag laat zich raden. Een landheer kon een priester vragen de nodige ‘boetelingen’ te leveren voor werken op zijn landgoed. Het kerkelijke en het wereldlijke gezag verkregen ook winst bij hogere boetes. Waarbij de priester sterk in de schoenen moest staan om ‘onpartijdig’ en ‘rechtvaardig’ te blijven. Maar de richtlijnen voor boetedoening werkten nog iets in de hand, en wel de boetedoening voor nog niet begane ongerechtigheden. Waarmee de aflaatbrieven een soort van ‘vrijbrieven’ werden, een soort van ‘verzekeringsbewijzen met eeuwigheidswaarde’. Te overhandigen aan de priester vlak voor het overlijden. En inspelend op de gemoedsrust van gelovigen, of beter gezegd op hun ongerustheid over het welzijn van gestorvenen kwamen er aflaatbrieven voor reeds overledenen, om de tijd in het ‘vagevuur’ te bekorten.

Johann Tetzel

De handel met aflaatbrieven (in het Latijn: indulgentia) nam steeds grotere vormen aan. Bekend is bijvoorbeeld de omvangrijke handel in aflaatbrieven door aflaathandelaar Johann Tetzel (1465-1519), met uitspraken ‘Als het geld in het kistje klinkt, het zieltje in de hemel springt’.

Begin van de Reformatie

Deze praktijken gevoed door de Bijbelse geloofsopvattingen die tot Maarten Luther waren doorgedrongen lieten hem de 95 stellingen publiceren, volgens de overlevering aanspijkeren op de deur van de slotkerk van Wittenberg, op 31 oktober 1517. Aangemerkt als de datum van het begin van de Reformatie. Geholpen door de uitvinding van de boekdrukkunst, waardoor Luthers 95 stellingen tegen de aflaatpraktijk zich over het Duitse taalgebied kon verspreiden.

Soli Scriptura

Luthers’ geloofsopvatting wordt mede onderbouwd door het Evangelie naar Johannes, Johannes 1 vers 16 tot 18. Waaruit ook blijkt dat Maarten Luther nadruk legt op de Schrift, op de woorden van de Bijbel, zowel op de woorden van het Oude als het Nieuwe Testament. Het ‘Soli Scriptura’, Latijn voor ‘Alleen door de Schrift’. De Schrift die leert dat het niet de leer, praktijk of de traditie van de kerk is, ook niet het goede streven van de mens of de aflaat zoals deze zich ontwikkeld had: maar het is de genade van God in Jezus Christus die de mens in al zijn onrechtvaardigheid rechtvaardigt, zoals de Schrift leert.

Johannes 1:16-18

Uit zijn overvloed hebben wij allen opnieuw genade ontvangen: de wet is door Mozes gegeven, genade en waarheid zijn met Jezus Christus gekomen. Niemand heeft ooit God gezien, maar de enige Zoon, die zelf God is, die aan het hart van de Vader rust, heeft Hem doen kennen.

Levensloop Maarten Luther 1483-1546

1483 – Geboorte in het Duitse Eisleben
1483 – Luther gedoopt in de Petrus en Pauluskerk in Eisleben
1488 – Opleiding aan de Latijnse school in Mansfeld
1505 – Monnik in Erfurt
1512 – Dokter in de theologie in Wittenberg
1517 – Luther publiceert vanuit Wittenberg 95 stellingen als reactie op het aflaatsysteem
1517 – Luther wordt kerkelijk en staatsrechtelijk in de ban gedaan en vlucht naar Wartburg
1522 – Luther keert terug in Wittenberg
1525 – Trouwt met Catharina von Bora
1534 – Geeft een Duitse bijbelvertaling uit
1546 – Luther overlijdt in zijn geboorteplaats Eisleben

BRONNEN:

Geschiedenis der Kerk, Dr. Otto J. de Jong

Maarten Luther

Oorzaken van de Reformatie

Geef een antwoord

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Abonneren